Antonelli baken van rust in de chaos, Red Bull pakt podium ondanks uitvalbeurt Verstappen
In dit artikel:
Chaos domineerde de Grand Prix van Monaco op zondagmiddag in Monte Carlo. De race, die om 15:00 uur begon bij warme omstandigheden (ongeveer 23°C lucht, circa 40°C baan), eindigde met Kimi Antonelli als verrassende winnaar nadat hij ruim twee uur zijn zenuwen onder controle hield. Lewis Hamilton finishte als tweede; Isack Hadjar kwam als derde over de streep maar staat nog onder onderzoek wegens een mogelijke overtreding tijdens de rode vlag, waardoor Oscar Piastri kans heeft om een podiumplaats te erven. Max Verstappen viel al in de eerste ronde uit en scoort geen punten.
Direct na de start trad het eerste drama op: Verstappen tot stilstand door een probleem aan zijn RB22; hij moest zijn wagen resetten en kon na één ronde uitstappen. Antonelli profiteerde van de chaos en zette meteen een gat neer, terwijl Hamilton en Charles Leclerc aanvankelijk op de tweede en derde plek lagen. Veel teams kozen voor mediumbanden vanwege de hitte; Sergio Pérez en Valtteri Bottas begonnen op softs.
De race verliep verder als een aaneenschakeling van tactische wendingen en straffen. Isack Hadjar kampte met graining en een vermoedelijk motorspecifiek probleem (klachten over engine braking en vermogensverlies), waardoor hij halverwege al grote achterstanden opliep maar toch gedisciplineerd bleef rijden. Lando Norris zette zijn pechreeks voort: McLaren probeerde hem en teammaat Piastri strategisch in te zetten (Norris moest Russell ophouden), maar Norris viel uit na technisch falen rond ronde 45.
Pitstraat-inbreuken en onduidelijkheden over meetdata zorgden voor een stortvloed aan straffen. Een reeks coureurs — onder wie George Russell, Hamilton, Franco Colapinto, Pierre Gasly en Piastri — kreeg tijdstraffen voor te snel rijden in de pitstraat; sommige lijken het gevolg van een meetfout, aldus observaties op de baan. Russell kreeg uiteindelijk een drive-through opgelegd nadat Mercedes had nagelaten een eerdere straf in te lossen — een kostbare blunder die hem uit de top-posities verwijderde. Hamilton loste zijn straf later wel in tijdens een ingelegde Safety Car.
Die Safety Car kwam er nadat Lance Stroll in de laatste bocht de muur raakte en buitenom glas en brokstukken achterbleven; de situatie escaleerde vervolgens naar een rode vlag toen ook het asfalt beschadigd bleek te zijn. Bij de herstart maakte Leclerc een zware fout: hij raakte de muur in de laatste bocht en veroorzaakte opnieuw uitval, waarna de wedstrijd een staande start kreeg na de rode vlag.
De rode vlagfase luidde ook een controverse in: tijdens de neutralisatie mochten sommige rijders van banden wisselen, en wordt vooral Hadjar onderzocht omdat hij volgens officials bij het ingaan van de pitstraat een gat van meer dan tien auto’s liet vallen — een vergrijp dat bij bevestiging podiums kan wijzigen. Russell kreeg door de administratieve fout van Mercedes een extra straf en viel ver terug; Gasly kreeg meerdere straffen en zakte terug in de uitslag.
Bij de staande herstart hield Antonelli het hoofd koel en verdedigde zijn leiding effectief, waarmee hij de zege veiligstelde. Hamilton profiteerde van de hergroepering van het veld en verdedigde P2. Nadat tijdstraffen werden toegepast schoof Piastri op naar P4 en werd Liam Lawson verrassend vijfde; Arvid Lindblad eindigde als zesde. Gasly kwam als derde over de streep maar zakte na straffen naar zevende; Albon, Nico Hülkenberg en Esteban Ocon completeerden de top tien.
Belangrijke gevolgen: Verstappen verlaat Monaco zonder punten, Mercedes kampt met operationele fouten (niet ingeloste straf voor Russell), McLaren oogst deels voordeel voor Piastri maar zag Norris uitvallen, en Hadjar’s mogelijke straf kan het podium alsnog herschikken. De race onderstreepte opnieuw hoe weinig marge er is op het smalle stratencircuit van Monaco, waar technische problemen, pitstraatcontrole en racebeheer cruciaal bepalen wie er wint.