Binotto doet boekje open over samenwerking met Schumacher: "Hij was echt een rolmodel"

zondag, 31 mei 2026 (21:38) - F1 Maximaal

In dit artikel:

Mattia Binotto — tegenwoordig topman bij Audi en voormalig Ferrari-teambaas — blikt met bewondering terug op de transformatie van Ferrari in de jaren rond 1995–2004, toen het onder Jean Todt en met Michael Schumacher uitgroeide tot de dominante kracht in de Formule 1. Binotto begon in 1995 op de motorenafdeling van Ferrari en vertelt in de Beyond the Grid-podcast hoe hij van dichtbij meemaakte welke rol leiderschap en cultuur speelden bij dat succes.

Centraal in zijn analyse staat Michael Schumacher: niet alleen als extreem bekwame coureur, maar vooral als leider die een hele organisatie meekreeg. Schumacher zou volgens Binotto geen manager zijn geweest, maar een rolmodel dat door voorbeeld en persoonlijke betrokkenheid mensen motiveerde en hoge eisen stelde — eerst aan zichzelf, vervolgens aan anderen. Die directe, menselijke benadering zorgde ervoor dat medewerkers uit overtuiging volgden, niet uit verplichting.

Daarnaast prijst Binotto Jean Todt voor het neerzetten van een bedrijfscultuur waarin discipline, werkethiek en teamspirit de norm waren. Todt zorgde volgens hem voor een “winnende cultuur” zonder een klimaat van interne schuldgevoelens: iedereen moest dezelfde kant op werken en verantwoordelijkheid nemen in plaats van zich achter excuses te verschuilen. Veel mensen uit die periode, zoals Ross Brawn, Stefano Domenicali en Andrea Stella, bekleedden later belangrijke rollen binnen de Formule 1, wat de kwaliteit van die kern illustreert.

Binotto benadrukt ook zijn eigen achtergrond: hij ziet zichzelf primair als een motorman en kwam via technische expertise later in leidinggevende rollen terecht. Zijn ervaring bij Ferrari leerde hem dat, ondanks enorme technologische en organisatorische veranderingen in de sport (grotere teams, hogere budgetten, hybridisering), de kern van winnen niet is veranderd: een gedeelde mentaliteit, strenge discipline en leiderschap dat mensen persoonlijk aanspreekt blijven doorslaggevend.

Kortom: volgens Binotto lag Ferrari’s voorsprong niet alleen in snelheid of techniek, maar in de combinatie van uitzonderlijk talent, doelgericht leiderschap en een gezamenlijke, onverzettelijke cultuur.