F1 in Zandvoort: 'Het was mooi, maar is nu ook wel mooi genoeg geweest'
In dit artikel:
De Formule 1-Grand Prix van Nederland in Zandvoort is na zes edities voorbij. De terugkeer in 2021 gold aanvankelijk als een logistieke uitdaging: het kustdorp heeft weinig toegangswegen en wordt aan één kant begrensd door de zee. Toch slaagde de DutchGP erin grote bezoekersstromen grotendeels via trein en fiets te verwerken. Ook het entertainment, met onder meer optredens voor de race, werd een sterk punt en kreeg lof van Formule 1-topman Stefano Domenicali.
Volgens de auteur zijn veel praktische problemen in de jaren daarna echter nauwelijks opgelost. Buiten het circuit ontbreekt een duidelijke publieksstroom, waardoor bezoekers lang onderweg zijn naar fanzones en uren kunnen wachten bij het station. Voor medewerkers verlopen de shuttlebussen traag door conflicten met fietsers, terwijl oversteekplaatsen, smalle routes en golfkarretjes voor extra vertraging zorgen. De reis van parkeerplaats naar paddock duurt daardoor vaak 30 tot 45 minuten.
Ook op het circuit zelf blijft de indeling volgens teams en media onpraktisch. De paddock, garages en hospitalityruimtes liggen onhandig uit elkaar, waardoor personeel en coureurs zich moeilijk kunnen verplaatsen en vaak door fans worden aangesproken. Het mediacentrum heeft bovendien veel last van harde muziek en de afbouw van evenementen. De conclusie luidt dat Zandvoort een geslaagde en sfeervolle Grand Prix neerzette, maar na het eerste jaar weinig vooruitgang boekte en uiteindelijk eerder achteruitging dan verbeterde.
De Oranjezomer: Theo Janssen ziet op tegen één ding bij Studio Sport: ‘Ik vind het altijd een beetje ongemakkelijk’