FIA houdt energiekaart gesloten in Miami: geen reductie ondanks eerdere plannen
In dit artikel:
De verwarring rond nieuwe FIA-regels over energiebeheer in de Formule 1 escaleerde vlak voor het raceweekend in Miami. Tijdens de aprilbreak kondigde de FIA voor 2026 aan dat de maximale energie-oplaadlimiet per ronde verlaagd zou worden (van 8 MJ naar 7 MJ) om extreem ‘harvesten’ en lift-and-coast-rijden tegen te gaan. Kort voor Miami bleek uit een Power Unit Information-document dat teams daar echter veel hogere waarden mochten gebruiken, wat vragen opriep over welke regels nu geldig waren.
De FIA legde uit dat er geen algemene, vaste verlaging is, maar een flexibel instrument dat per circuit kan worden ingezet; de maatregel kan op maximaal twaalf races per seizoen toegepast worden. Miami valt buiten die selectie omdat het circuit volgens de FIA niet gevoelig genoeg is voor ‘superclipping’ — het moment waarop de batterij volledig leeg raakt en de auto tijdelijk vermogen verliest. In Miami duurt zo’n gebeurtenis naar verwachting slechts ongeveer twee seconden per ronde, te kort om het raceritme structureel te verstoren.
Concreet gelden deze limieten in Miami: tijdens sprint en race mogen coureurs tot 9 MJ per ronde opladen wanneer de inhaalmodus actief is; zonder die modus is de limiet 8,5 MJ. In de kwalificatie is het 8 MJ en in vrije trainingen opnieuw 9 MJ. Daarnaast is het vermogen van de zogenaamde super clips verhoogd van 250 kW naar 350 kW, waardoor het opladen sneller gaat (ongeveer 2–4 seconden per ronde). De FIA heeft ook zones op het circuit bepaald waarin extra vermogen is beperkt (bijvoorbeeld 250 kW tussen bocht 1 en 8, 350 kW op bepaalde rechte stukken), wat strategische keuzes en veiliger, eerlijker rijden moet bevorderen.
De wijzigingen zijn gebaseerd op data uit de eerste drie races van het seizoen (Australië, China, Japan) en op feedback van coureurs, met als doel minder energie sparen en juist meer vol gas rijden.