Hadjar strooit met superlatieven voor Verstappen: "Daar is Max extreem goed in"
In dit artikel:
Isack Hadjar, de 21-jarige teamgenoot van Max Verstappen in de RB22, zag zijn achterstand ten opzichte van de snelste tijd van vrijdag (1,5 s) teruglopen naar ongeveer 1,0 seconde in de kwalificatie van Miami, maar dat leverde hem slechts een negende startpositie op voor de race — achter Franco Colapinto en voor Pierre Gasly. De kloof tot Verstappen bleef daarbij ruim acht tienden.
Hadjar zegt dat de balans van de auto op zaterdag duidelijk beter was, maar dat de RB22 nog steeds lastig te besturen is op een baan met laag gripniveau en hoge asfalttemperaturen. Vooral oververhitting van de banden zou zijn snelle ronden ondermijnen: een slechte doorkomst van bocht 1 zorgde voor slechtere exits en een kettingreactie die de rest van de ronde kostte. Daarnaast ervaart hij een onverklaarde tekortkoming in topsnelheid; het vermoeden dat het aan het vrijgeven van elektrisch vermogen ligt ontkent hij, maar het precieze probleem is nog niet gevonden.
De belangrijkste verklaring voor het verschil met Verstappen ligt volgens Hadjar bij de Nederlander zelf: Verstappen past veel beter aan veranderende omstandigheden aan, krijgt zijn bandenmanagement op orde en knoopt de ideale rondes beter aaneen. Daardoor lijkt Verstappen ook snelheid te winnen op rechte stukken, mogelijk doordat hij telkens beter uit de bochten accelereert. Verstappen deed het zó goed dat hij slechts een tiende van een seconde tekortkwam op pole-sitter Kimi Antonelli en daarmee kansrijk blijft voor de Grand Prix-zege.
Hadjar erkent dat het hebben van Verstappen als teamgenoot zowel een zegen (toegang tot data en leerpunten) als een vloek (bijna onmogelijk om even snel te zijn) is. Hij is tevreden over zijn vooruitgang sinds vrijdag en over de manier waarop het team data heeft geanalyseerd, maar geeft toe dat er nog werk aan de winkel is om zowel de driveability als de onbekende topsnelheidskwestie op te lossen.