Häkkinen was woedend om oneerlijk voordeel Schumacher: "Ferrari kon doen wat het wilde"
In dit artikel:
Mika Häkkinen uitte scherpe kritiek op de ongelijke testomstandigheden in 1998-1999, toen Ferrari onbeperkt kon oefenen op hun privécircuit Fiorano terwijl McLaren vastzat aan strikte tijden en verhuurde banen. Volgens de tweevoudig wereldkampioen gaf dat Ferrari een groot technisch voordeel: op Fiorano kon de Scuderia van vroeg in de ochtend tot in de avond doorrijden, testcoureurs inzetten wanneer nodig en componenten zoals software en versnellingsbakken continu doorontwikkelen.
McLaren kampte juist met logistieke beperkingen: testen op Silverstone gebeurde binnen beperkte uren (beginnen laat, pauzes, en sluitingstijd) en auto’s moesten na raceweekends eerst terug naar de fabriek voor voorbereiding en transport. Häkkinen zegt dat hij en teamgenoot David Coulthard daardoor vaak het grootste deel van het testwerk zelf moesten doen, met fysieke en mentale uitputting als gevolg — terwijl Ferrari vaak kon profiteren van beter weer in Italië.
Ondanks zijn frustratie waardeerde Häkkinen wel de sportiviteit en gedrevenheid van Michael Schumacher; na de mislukte titelstrijd in 1998 kwam Schumacher hem persoonlijk feliciteren en keerde gelijk terug naar de fabriek om de auto te verbeteren. Häkkinen concludeert dat Ferrari simpelweg hun middelen efficiënter inzette. Ter context: de kwestie van testongelijkheid leidde later tot aangescherpte testbeperkingen om kosten te drukken en het speelveld te egaliseren.