Hamilton over simulator: 'Soms leidde het tot verkeerde setup-richtingen'
In dit artikel:
Lewis Hamilton gebruikt de simulator van Ferrari minder vaak, omdat virtueel ontwikkelde setup-wijzigingen volgens hem niet altijd goed overeenkomen met de werkelijkheid op het circuit. Voor de Belgische Grand Prix op Spa-Francorchamps werd aan Max Verstappen, Alex Albon en Esteban Ocon gevraagd of zij die zorgen delen.
Albon benadrukte dat de waarde van simulatorwerk volledig afhangt van de correlatie met de echte auto. Vooral het bandenmodel en de voertuigdynamiek moeten nauwkeurig worden nagebootst. Bij twijfel vinden coureurs het moeilijk om virtuele setup-aanpassingen ook daadwerkelijk op het circuit te vertrouwen. Zijn eigen simulatorwerk richt zich momenteel vooral op het optimaliseren van motorinstellingen en energiegebruik binnen de nieuwe krachtbronreglementen, in plaats van op chassisverbeteringen. Daarom begrijpt hij Hamiltons terughoudendheid.
Ocon ervaart bij Haas een sterke overeenkomst tussen de virtuele en echte prestaties van de krachtbron, maar de simulatie van het chassis is minder nauwkeurig. Toch blijft de simulator belangrijk voor operationele voorbereiding: reservecoureur Oliver Bearman gebruikt hem onder meer om raceprocedures te oefenen. Volgens Ocon is de simulator wel minder belangrijk geworden voor chassisontwikkeling dan in eerdere seizoenen.
Verstappen maakt onderscheid tussen de simulator als hulpmiddel voor de afstelling door de coureur en als ontwikkelingsinstrument voor het team. Als de correlatie slecht is, schiet het eerste doel tekort. Voor ingenieurs blijft de simulator volgens hem echter onmisbaar om upgrades, toekomstige concepten en de gevolgen van voortdurende reglementswijzigingen te testen. Lange sessies kunnen voor coureurs saai zijn, maar dragen volgens Verstappen bij aan de ontwikkeling van een betere en competitievere Formule 1-auto.
Vandaag Inside: Johan Derksen kijkt uit naar nieuw SBS6-programma Sing With Me: 'Het lijkt mij héél leuk!'