Laatste puzzelstukjes vallen op zijn plek voor de F1-rijdersmarkt van 2027
In dit artikel:
De Formule 1-grid voor 2027 is grotendeels ingevuld. Bij McLaren blijven Lando Norris en Oscar Piastri aan; Norris verlengde zijn contract tot en met 2030. Mercedes houdt vast aan George Russell en Kimi Antonelli, terwijl Max Verstappen bij Red Bull Racing tot en met 2030 heeft bijgetekend. Isack Hadjar lijkt daar, na een sterk seizoen, eveneens op een verlenging te kunnen rekenen.
Charles Leclerc ligt bij Ferrari vast tot na 2028 en Lewis Hamilton heeft vermoedelijk een contract tot en met 2027. Williams gaat verder met Alexander Albon en Carlos Sainz, die een nieuwe 1+1-deal tekende. Ook bij Racing Bulls lijken Arvid Lindblad en Liam Lawson ondanks aflopende contracten in 2026 een nieuwe kans te krijgen. Reserverijder Nikola Tsolov zou pas in 2028 debuteren.
Bij Aston Martin lopen de contracten van Fernando Alonso en Lance Stroll officieel af. Over Stroll bestaat weinig twijfel, omdat hij de zoon van teameigenaar Lawrence Stroll is. Alonso heeft zich nog niet definitief uitgesproken, maar volgens de berichtgeving wacht Aston Martin vooral op de Grand Prix van Madrid om zijn aanblijven bekend te maken.
Oliver Bearman lijkt bij Haas eveneens zeker van een plek en zou in 2027 de kopman van het team kunnen worden. De positie van Esteban Ocon is daar het grootste vraagteken. Hoewel de Fransman verwacht actief te blijven in de Formule 1, wordt hij al langere tijd duidelijk verslagen door Bearman. Haas zou daarom kunnen kiezen voor Bearman als leider en een jong talent als teamgenoot; onder anderen Yuki Tsunoda, Leonardo Fornaroli en Rafael Camara worden genoemd.
Nico Hülkenberg en Gabriel Bortoleto blijven bij Audi, Pierre Gasly en Franco Colapinto bij Alpine en Sergio Pérez en Valtteri Bottas bij Cadillac. Daarmee lijkt vrijwel alleen het tweede Haas-zitje nog echt onzeker. Gezien de prestaties van Ocon staat juist zijn toekomst het meest onder druk.
Vandaag Inside: Johan Derksen kritisch op tv-optreden Mona Keijzer: ‘Ik ben fan van haar, maar…’