McLaren hoopt in Miami met Norris en Piastri vooraan te staan
In dit artikel:
Tussen Shanghai en Suzuka zette McLaren een zichtbare stap vooruit, maar de twee weekenden waren niet direct vergelijkbaar: Shanghai leverde vooral data uit kwalificatie en de Sprint, terwijl Suzuka voor het eerst een volledig en betrouwbaar referentiekader bood. In Shanghai bleek de MCL40 moeite te hebben zijn snelheid constant om te zetten: een onstabiel werkvenster aan de voorkant leidde tot grillig bandengedrag en onregelmatige rondetijden.
In Suzuka werd duidelijk dat McLaren dichter bij de leiders staat. Dat kwam niet door grote aerodynamische updates, maar door gewichtsreductie en verfijnd energiebeheer van de power unit — in het 2026-reglement is de balans tussen verbrandingsmotor en elektrische aandrijving immers fifty-fifty, waardoor software voor energiedistributie cruciaal is. Die verbeterde energieverdeling zorgde voor constantere acceleratie en minder belasting van de voorbanden.
Sportief betaalde zich dat uit: Oscar Piastri leidde en eindigde als tweede in Suzuka, met stintdata die McLaren tempo in het midden van de top toont en een duidelijke winst in bandenslijtage. Seizoenscijfers illustreren de trend: de achterstand per kilometer op Mercedes slonk van 0,172 s in Australië naar 0,033 s in Suzuka.
De volgende belangrijke proef is Miami, waar McLaren een omvangrijk aero-upgradepakket brengt. Omdat beide topteams dezelfde power unit gebruiken, zal het verschil daar vooral in chassis, aero en ontwikkelsnelheid zitten. Miami moet uitwijzen of Suzuka het begin van blijvende vooruitgang was of een gunstige samenloop van omstandigheden.