Pérez legt groot verschil bloot: 'Zij domineren de sport omdat er zoveel van hen zijn'
In dit artikel:
Sergio Pérez benadrukt dat de afgelopen dertig jaar alleen Europese coureurs de Formule 1-titel veroverden; de laatste niet-Europeaan die dat lukte was Jacques Villeneuve in 1997. Volgens Pérez speelt dat vooral doordat de hele opstap naar F1 grotendeels in Europa is gecentraliseerd: kartbanen, juniorseries en opleidingsprogramma’s van teams zitten dichtbij, waardoor Europeanen minder grote stappen hoeven te maken. Rijders van buiten Europa moeten vaak op jonge leeftijd verhuizen en extra barrières overwinnen om door die talentpaden opgemerkt en opgenomen te worden. Eenmaal op de grid zijn de kansen volgens hem wel vergelijkbaar en bepalen timing en teamsituatie veel van iemands succes. Op dit moment zijn er slechts vier op de grid geboren niet-Europeanen: Pérez, Oscar Piastri, Gabriel Bortoleto en Franco Colapinto. Piastri bevestigt dat verhuizen als kind de grootste uitdaging is, maar wijst ook op mogelijke voordelen van als enige uit je land op de grid staan. Kortom: de dominante rol van Europeanen komt vooral voort uit infrastructuur en bereikbaarheid in de vroege loopbaan, niet per se uit een structurele ongelijke behandeling binnen de F1 zelf.