Red Bull mist bewijs in FIA-kwestie: "We moeten ons beroep nog indienen"
In dit artikel:
Red Bull beleefde in Barcelona een moeizaam weekend: Max Verstappen finishte als vierde en het team had niet de snelheid om mee te strijden om het podium. Mercedes, Ferrari en ook McLaren waren op dat circuit duidelijk sneller, terwijl Ferrari met een omvangrijk updatepakket een flinke stap vooruit leek te zetten.
Bovenop de prestatieproblemen speelt ook het ADUO-reglement Red Bull parten: het team mocht geen update doorvoeren en voelt zich daardoor in het nauw gedreven. Laurent Mekies (Red Bull) roept de FIA op om duidelijkheid te verschaffen over hoe de regels precies moeten worden toegepast. Zijn belangrijkste punt is dat de procedures om de rangorde van verbrandingsmotoren vast te stellen onvoldoende helder zijn; dat gebrek aan scherpte kan volgens hem leiden tot strategisch gedrag van fabrikanten bij het inzetten van hun ontwikkeltokens en tot verkeerde toekenning van eventuele compensaties.
Mekies onderbouwt zijn zorg met circuitvergelijkingen: op tracks waar motorvermogen telt (Canada, Barcelona) kwalificeerde Red Bull zich telkens rond P6, terwijl het in Monaco — waar motorvermogen minder doorslaggevend is — veel verder vooraan stond. Dat patroon, stelt hij, maakt het extra belangrijk dat de FIA de prestatievolgorde op de juiste manier bepaalt, zodat een achtervolger niet onterecht als dominante partij wordt behandeld.
Red Bull benadrukt dat het geen bewijs ziet voor een structureel motorvoordeel ten opzichte van concurrenten en zegt dat het beroep tegen eventuele beslissingen nog niet definitief is ingediend; het team neemt daar de tijd voor.