Van Haren: 'Kritiek Verstappen was niet persoonlijk aan GP gericht'
In dit artikel:
Erik van Haren en ex-coureur Christijan Albers stellen dat Max Verstappens kritiek na de Grand Prix van Canada niet bedoeld was als directe aanval op race-ingenieur Gianpiero Lambiase, maar op keuzes die in de fabriek en de simulator worden gemaakt. In de Formule 1-podcast van De Telegraaf benadrukken zij dat het onderliggende probleem bij Red Bull dieper zit: de RB22 kampt dit seizoen met aanhoudende balansproblemen en onvoorspelbaar stuiteren, vooral op stratencircuits.
Het Oostenrijkse team, onder leiding van teambaas Laurent Mekies en met de nieuwe Red Bull–Ford motor, worstelt daardoor met basisafstellingen. Hoewel Verstappen in Montreal zijn eerste podium van het jaar pakte (derde), blijft de set-up fragiel en fysiek belastend voor de coureur. Van Haren en Albers wijzen erop dat asfalttype en hobbels bepalen hoeveel last het team van het stuiteren heeft; op ongelijk wegdek wordt het probleem sterker.
Albers merkt bovendien op dat Red Bull vaak al in de vrije trainingen met een achterstand begint, waardoor het team in de sprintweekenden wel stappen maakt maar toch moeite heeft om precies die basisafstelling te vinden die Verstappen wil. Tijdens het raceweekend in Montreal ontstond onenigheid omdat eerdere data aangaven dat de gekozen richting niet werkte — volgens Van Haren een kritiek op de “knappe koppen in de fabriek” en niet op Lambiase persoonlijk.
Met Monaco in het vooruitzicht blijft het vertrouwen afhankelijk van of de fabriek en simulator de juiste aanpassingen kunnen leveren; op een klassiek stratencircuit telt een goede basisafstelling extra zwaar. Als die ontbreekt, is de race-engineer beperkt in wat hij kan verbeteren tijdens het weekend.