Verstappen reageert op stellingen: 'Hij is een genie, dat is zeker zo'
In dit artikel:
Viaplay kreeg een openhartige Max Verstappen die flink uithaalt en tegelijk nuchter blijft over zijn carrière en toekomstplannen. De viervoudig wereldkampioen kijkt terug op een onzekere eerste seizoenshelft — na de zegeloze periode en een teleurstellende negende plaats in Hongarije dacht hij geen races meer te winnen — maar ontdekte na de zomerstop een sterke comeback: tien podiums op rij en nog zes overwinningen, waarmee de RB21 hem bijna opnieuw het kampioenschap opleverde.
Over die RB21 is Verstappen inmiddels milder dan vorig jaar over de RB20: hij sluit vernietiging uit en zegt de wagen liever in een museum te zetten dan te versnipperen. Hij erkent dat de auto verbeterde en dat hijzelf een belangrijke rol speelde in de wederopstanding. Zijn directe imago schrikt concurrenten af, maar in Abu Dhabi koos hij nadrukkelijk voor geen controversiële tactieken: hij had kunnen blokkeren om titelkansen te vergroten, maar had daar “geen zin in” en accepteert dat dit misschien een vijfde wereldtitel kostte.
Verstappen praat ook over zijn toekomst buiten de cockpit. Hij bezit al een simraceteam en een GT3-team en zegt dat hij als teambaas helderheid zou brengen door een duidelijke nummer één en twee aan te wijzen. Over oud-collega Adrian Newey, die in 2026 de overstap maakt naar teambaas bij Aston Martin, is hij lovend: Newey blijft een genie, al is het afwachten hoe hij het in die rol zal doen.
Privé wil Verstappen niet per se een Formule 1-erfgenaam zien: op de vraag of dochtertje Lily ooit wereldkampioen wordt, reageert hij krabbend — hij hoopt dat ze een ander beroep kiest. Hij relativeert faam en records: hij jaagt niet op Hamilton- of Schumacher-statistieken en ziet zichzelf eerder genieten van een gin-tonic dan eindeloos extra titels.
Tot slot deelt Verstappen zijn favoriete circuits: Spa blijft favoriet, de Nordschleife bewondert hij ook, en zijn top drie in de F1 bestaat uit Spa, Suzuka en Austin. Hij betreurt dat Zandvoort na 2026 mogelijk van de kalender verdwijnt, iets wat volgens hem vooral een lokale keuze was en niet primair van de FOM kwam.