Waarom de stewards Gasly en Alpine het podium in Monaco teruggaven
In dit artikel:
Alpine kreeg samen met coureur Pierre Gasly het podium van de Grand Prix van Monaco terug nadat twee vijfsecondenstraffen wegens te hoge pitstraatsnelheid werden ingetrokken. Direct na de race tekende het team bezwaar aan en vroeg een successful “right of review” aan — een verzoek om herziening dat door de stewards werd gehonoreerd nadat nieuw technisch bewijs was overlegd.
Centraal stond de manier waarop pitstraatsnelheid wordt vastgesteld: niet via GPS of telemetrie maar via een gemiddelde snelheid berekend uit de tijd tussen twee detectielussen en de vastgestelde afstand daartussen. Die afstand was oorspronkelijk bepaald met GNSS-procedures en fysieke inspecties, maar Alpine liet later een LIDAR-scan uitvoeren. Die scan wees uit dat de werkelijk kortst mogelijke afstand tussen meetpunten 77 centimeter korter was dan aangenomen (2.615 m versus 2.692 m). Door die afwijking daalde de herberekende gemiddelde snelheid van Gasly net onder de limiet van 60 km/u, waardoor de eerdere waarden van 60,1 en 60,4 km/u niet langer als betrouwbaar werden gezien.
De stewards concludeerden dat de meetmethode in de specifieke lay-out van Monaco — mede door gewijzigde barrières en de complexe rijlijn direct na de pitinrit — onvoldoende nauwkeurig was om een overtreding met toereikende zekerheid vast te stellen. De straffen werden geschrapt, de raceuitslag en WK-punten voor Gasly en Alpine hersteld, en de betaalde waarborgen voor het herzieningsverzoek terugbetaald. Voor Red Bull/Isack Hadjar betekende de uitspraak dat zijn podiumplek weer werd ingetrokken. De FIA benadrukte dat de beslissing was gebaseerd op nieuw en doorslaggevend technisch bewijs, en dat de stewards onafhankelijk opereerden binnen de regels.