Windsor kraakt wanvertoning in Zandvoort af: "Ik heb een pijnlijke statistiek van Verstappen"
In dit artikel:
Analist Peter Windsor kijkt teleurgesteld terug op de zaterdag van het Formule 1-weekend op Zandvoort. Volgens de voormalige teammanager van Williams werden zowel de sprintrace als de kwalificatie sterk beïnvloed door het energiemanagement van de nieuwe 2026-auto’s. Daardoor konden coureurs hun snelheid in de snelle bochten nauwelijks benutten en werd inhalen op het Nederlandse circuit, waar de rechte stukken kort zijn en vuile lucht een groot probleem vormt, vrijwel onmogelijk.
De sprintrace over 24 ronden vond Windsor slaapverwekkend. Lando Norris verspeelde volgens hem in de eerste ronde zijn kans op de overwinning door in bocht 3 de binnenkant te kiezen, waarna George Russell een voorsprong opbouwde. Charles Leclerc zorgde op zachte banden nog voor een opvallende inhaalactie op Norris. Max Verstappen kwam niet voorbij Oscar Piastri, terwijl Lewis Hamilton evenmin langs Verstappen wist te komen.
In de kwalificatie zag Windsor vooral Red Bull worstelen met de energieverdeling. Verstappen zou volgens hem na bocht 3 langdurig op een vast toerental hebben gereden en energie hebben teruggewonnen voor het uitkomen van bocht 13. Dat betrof volgens Windsor ongeveer achttien procent van een ronde, waardoor onder meer de uitdagende Scheivlak-bocht volgens hem op ‘cruisecontrol’ werd genomen.
Windsor denkt dat Red Bull een verkeerde strategie koos. Verstappen reed aan het begin van zijn snelle ronde 304 kilometer per uur, tegenover 294 kilometer per uur voor polesitter Norris, maar die vroege snelheid leverde hem weinig voordeel op. De analist vindt het opvallend dat zelfs Zandvoort door de 2026-regels zijn karakter als technisch, bochtig circuit verloor: teams werden gedwongen vergelijkbare energiekeuzes te maken, waardoor de verschillen tussen coureurs kleiner werden.
De Oranjezomer: Theo Janssen ziet op tegen één ding bij Studio Sport: ‘Ik vind het altijd een beetje ongemakkelijk’